Contact met uitgetreden medebroeders

Met de uitgetreden en ten dele gehuwde medebroeders bestonden veel vriendschapsbanden, die ook door de andere levensstaat niet verbroken werden. Op wens van verschillende kruisbroeders en op initiatief van de toenmalige provinciaal Rein Vaanhold ontstond in het jaar 1992 een meer formeel contact tussen de nog in de orde levende kruisheren en oud- Confraters. Dit contact bestond uit een werkgroep, die minstens twee maal per jaar met elkaar overlegt, welke mogelijkheden van “samen” er voor de toekomst mogelijk zijn en in het voorbereiden van een jaarlijkse ontmoetingsdag tussen alle kruisbroeders en oud-confraters met hun nieuwe levenspartner en eventuele kinderen. Uit deze overleggroep ontstond het plan eerst elkaar de eigen levensgeschiedenis te vertellen, zowel uit de tijd voor de intrede in de orde, de ervaringen in de orde en de geschiedenis na het verlaten van de orde. Op deze manier hoopte men elkaar beter te leren kennen en de gemeenschappelijk periode binnen de orde en het uiteengaan later te kunnen evalueren en daaruit misschien conclusies te trekken voor een hernieuwing van het religieus leven voor de toekomst. Dit werk is intussen afgesloten: veel levensverhalen zijn verteld, ze werden uitvoerig geïnterpreteerd en geëvalueerd en er werden conclusies uit getrokken voor de toekomst van het religieus leven.
Het resultaat van deze gesprekken is gepubliceerd in het boekje: Henk van Breukelen: Het vijftigste jaar. KSGV Nijmegen 2000.

De kontakten tussen de kruisbroeders en de uitgetredenen worden voortgezet door een jaarlijkse ontmoetingsdag en door een werkgroep, die zich meer inhoudelijk bezig houdt met de betekenis en de toekomstmogelijkheden van het religieus leven.