Geschiedenis

De oorsprong van de orde van het heilig kruis (ordo sanctae crucis) ligt in de dertiende eeuw in de buurt van Luik. Enkele mannen uit het kanunnikencollege van de kathedraal van Luik wilden het oorspronkelijke ideaal van de kanunniken herstellen: leven in een gemeenschap met gebed en zielzorg voor de aan de kerk verbonden mensen. Onder de leiding van Theodorus van Celles trokken ze zich uit de bisschopskerk terug in een klein kapelletje in het stadje Hoei aan de Maas (België) en bouwden daar een klooster. Ze zorgden voor de mensen, die onderweg waren, pelgrims, kruisvaarders, door hen een onderdak te geven. Al heel spoedig ontstonden er verdere kloosters in het huidige België, Nederland, Frankrijk, Engeland, Rijnland, o.a. in Parijs, Londen, Düsseldorf, Keulen, Venlo, Maastricht. Ze namen de regel van Augustinus als grondslag voor hun samenleven en stelden constituties op naar het voorbeeld van Dominikus, met wie Theodorus bevriend geweest moet zijn. Ze noemden zich kruisbroeders of kruisdragers. Ten tijde van de kruistochten was bij Theodorus de overtuiging gegroeid, dat het Godsrijk, zoals Jezus dat wilde, niet met wapengeweld, maar door een leven in broederlijke gemeenschap gerealiseerd kon worden. In het jaar 1248 werden ze door de kerkelijke overheid als orde erkend. De verdere geschiedenis wordt bepaald door interne en externe factoren. In 1410 werd het leven van de kruisbroeders, dat in verval dreigde te raken, grondig herzien. Er ontstond een nieuwe opbloei, die vooral gekenmerkt werd door de nadruk op het contemplatieve leven. Deze hervorming was geïnspireerd door de moderne devotie, een spirituele lekenbeweging onder de leiding van Geert Grote. Er bestond een enge verbinding tussen veel kruisbroeders en deze lekenbeweging, zodat de geestelijke beïnvloeding wederzijds werd. Door de verwarrende gevolgen van de protestantse reformatie werden veel kloosters in het Rijnland en in de ” lage landen” opgeheven. Daarna begon een nieuwe bloeiperiode. Beïnvloed door de idealen van de humanistische vorming legden de kruisbroeders zich vooral toe op de opleiding van de jeugd door het oprichten van “Latijnse Scholen” Door Hendrik VIII werden alle kloosters in Engeland gesloten, door de franse revolutie en de regering van Napoleon werden haast alle kloosters opgeheven, zo dat in 1840 nog slechts twee kloosters over waren, een in Uden en een in St.Agatha (Nederland). De moderne periode van de orde begint na 1840, toen het verbod tot aanname van nieuwe leden door de koning van Nederland werd opgeheven. Onder de leiding van daadkrachtige en vooruitstrevende leiders werden in België en Nederland oude stichtingen weer opgericht en nieuwe eraan toegevoegd. Met de immigranten gingen ook kruisbroeders naar USA en werd de orde daar langzaam in de “nieuwe wereld” geplant. Ten tijde van de grote missionaire beweging in de Europese kerk in het begin van de twintigste eeuw nam de orde van de kruisheren missiegebieden aan in Afrika, (Belgisch Congo 1920), in Azië (Java, Nederlands Indien 1926), in Latijns Amerika (Brazilië 1943). In 1953 keerden de Kruisbroeders op aanvraag van Kardinaal Frings terug naar het Rijnland, in hun vroegere kloosters in Ehrenstein /Westerwald en naar Wuppertal in de buurt van het vroegere klooster in Wuppertal/Beyenburg. De orde is steeds klein gebleven. Vandaag telt de orde, hoewel in alle werelddelen gevestigd, ongeveer 600 leden. Ook vandaag maakt de orde een veranderingssproces door. Het zwaartepunt verschuift van Westeuropa naar de landen op het zuidelijk halfrond, Afrika, Azië, Zuid-Amerika. Uit de drie Europese provincies, Nederland, België, Duitsland, ontstond in Augustus 2000 een Europese provincie. Het werk naar buiten richt zich op veel plaatsen op de “randgroepen” in onze welvaartsmaatschappij. Daarbij is vaak aandacht voor een kritische opstelling tegenover onderdrukkende structuren in kerk en maatschappij. Of de orde in de moderne tijd in haar oude vorm in West Europa kan overleven, is voor veel medebroeders een zaak, die hen serieus bezig houdt in gesprekken en in vernieuwingspogingen..

Literatuur: Dr. Roger Janssen.osc: 750 Jaar kruisheren. Vijf breuklijnen van Traditie en Vernieuwing in de Orde van Het H. Kruis, 1248-1998. Generalaat osc. Rome